Gepubliceerd op 5-6-2015

Na 160.000 kilometer jaarlijkse APK voor benzineauto’s

Minister Schultz van Infrastructuur en Milieu heeft op advies van de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) en het APK-overlegorgaan (SO APK) onder andere besloten ook benzineauto’s jaarlijks op te roepen voor de APK, zodra de kilometerstand van 160.000 is bereikt. De nieuwe regel zouden vanaf mei 2018 moeten gelden. Het eerste keuringsmoment voor benzineauto’s met een registratiedatum van 2005 of later, blijft na vier jaar. Er komt geen APK-plicht bij wijziging van tenaamstelling van een auto.

BOVAG heeft zitting in het SO APK. Uit de historische APK-gegevens blijkt dat het aantal gebreken bij oudere auto’s en met hoge kilometerstanden aanmerkelijk toeneemt. Dieselauto’s en benzineauto’s van voor 2005 worden voor het eerst na drie jaar voor APK opgeroepen en daarna jaarlijks (3-1-1-1); benzineauto’s van 2005 en later zijn na vier jaar voor het eerst aan de beurt, vervolgens in het zesde en achtste jaar, en daarna pas jaarlijks (4-2-2-1). Als al eerder de 160.000 kilometer wordt bereikt, geldt voor dat voertuig vanaf dat moment een jaarlijkse keuringsplicht. De kilometerstanden worden sinds vorig jaar door de RDW centraal geregistreerd en moeten verplicht worden ingevoerd bij APK, overschrijving en bij vrijwel alle onderhoudsmomenten.

Oldtimers en landbouwvoertuigen
Voertuigen van 50 jaar of ouder worden uitgezonderd van de APK-plicht, in plaats van de huidige grens van 1 januari 1960, terwijl de tweejaarlijkse APK voor auto’s ouder dan 30 jaar gehandhaafd blijft. Voor land- en bosbouwvoertuigen met een maximumsnelheid boven de 40 kilometer per uur wordt een tweejaarlijkse APK-plicht ingevoerd.

Apparatuur en keurmeesters
In de APK-werkplaatsen blijft de keuringsfrequentie voor emissiemeetapparatuur gehandhaafd op 12 maanden en voor apparatuur om gewicht, druk, krachten en geluidsniveau te meten wordt dat 24 maanden, tenzij de fabrikant ervan anders voorschrijft. APK-keurmeesters krijgen een pasfoto op hun bevoegdheidspas, de mogelijkheid voor een datachip op de kaart wordt onderzocht en er moet bij een eerste keurmeesterexamen een Verklaring omtrent Gedrag worden overlegd.

Deze pagina delen