Bovag logo
  1. HOME
  2. >
  3. Persberichten
  4. >
  5. Twintig organisaties sturen op initiatief van BOVAG brandbrief naar Tweede Kamer over impact pseudo-eindheffing: boeteregen en veel extra regeldruk
Envelop met uitroepteken

Twintig organisaties sturen op initiatief van BOVAG brandbrief naar Tweede Kamer over impact pseudo-eindheffing: boeteregen en veel extra regeldruk

Twintig (werkgevers)organisaties roepen de Tweede Kamer vandaag in een brandbrief op om de pseudo-eindheffing alleen te laten gelden waarvoor hij bedoeld was: de auto van de zaak en niet voor vervangend of tijdelijk vervoer. Er dreigt nu een boeteregen die kan oplopen tot een miljard euro per jaar en een forse extra administratieve lastendruk voor werkgevers. 

Na invoering van de zogenoemde pseudo-eindheffing, die bedoeld is om werkgevers te bewegen alleen nog elektrische personenauto’s in te zetten in hun wagenpark, zal vanaf 2027 een enorme administratieve belasting ontstaan, met veel onduidelijkheden. Bovendien dreigt er een boeteregen neer te dalen op werkgevers tot wel een miljard euro per jaar.

Pseudo-eindheffing

Op 1 januari 2027 wil de overheid een brandstofautoheffing invoeren voor werkgevers die een niet-emissieloze personenauto ook voor privégebruik ter beschikking stellen aan een medewerker. In Haags jargon: de ‘pseudo-eindheffing’. De hoogte van die heffing is twaalf procent van de catalogusprijs van de brandstofauto per jaar; te berekenen per maand. 

Deze pseudo-eindheffing is feitelijk de Nederlandse invulling van het voorstel tot Europese vlootnormeringsregels.

Werkgeversorganisaties voorzien grote uitvoeringsproblemen en -risico’s voor werkgevers. En een sterk toenemende druk op de rechtspraak.

Wat is het probleem?

Welk probleem voorzien de ondertekenaars? Werkgevers die (lease-)auto’s ter beschikking stellen aan hun medewerkers, zullen een geheel nieuwe en precieze administratie moeten gaan voeren als één van hun werknemers bij onderhoud, reparatie of schadeherstel aan diens vaste auto van de zaak een vervangende of tijdelijke brandstofauto meekrijgt (als een elektrische vervangingsauto niet beschikbaar is). Naast de hoge kosten voor deze administratie, zal het inzetten van een niet-elektrisch voertuig zo’n vijfhonderd tot duizend euro per incident aan pseudo-eindheffing kosten. Goed voor een potentiële collectieve kostenpost voor het Nederlands bedrijfsleven tot wel een miljard euro per jaar*.

Boeteregen

Die boeteregen is reëel omdat leasebedrijven en verhuurbedrijven, die vaak die vervangende auto’s leveren, niet in staat zijn hun vloot stante pede om te zetten naar EV. Simpelweg omdat die bedrijven voor die auto’s vastzitten aan overeenkomsten met een vaste looptijd. Daarbij is de laadcapaciteit bij bedrijven nog vaak onvoldoende en is er door netcongestie geen zicht op snelle uitbreiding van de laadcapaciteit. Sterker nog, in drie provincies dreigt inmiddels een aansluit-stop voor het mkb. Voor autobedrijven die eigen vervangend vervoer inzetten, geldt dat evenzeer.

Maak het werkbaar

De regeling moet uitvoerbaar worden gemaakt. Zowel voor het Nederlandse bedrijfsleven dat auto’s ter beschikking stelt aan medewerkers, als voor bedrijven in de automotive branche, in het bijzonder leasemaatschappijen, autoverhuurbedrijven, schadeherstelbedrijven en autobedrijven.

Dit kan door de pseudo-eindheffing, zoals hij bedoeld is, alleen te laten gelden voor de permanente auto van de zaak en niet voor vervangend of tijdelijk vervoer (met een maximum van bijvoorbeeld een maand). Zodat er over die ene dag of ene week vervangend vervoer in een brandstofauto niet een forse brandstofautoboete hoeft te worden betaald door de werkgever. 

De werkgeversorganisaties onder deze brief roepen de Kamer op om hier tijdens het Commissiedebat Fiscaliteit (11 maart) alsnog werk van te maken.

Ondertekenaars

De volgende organisaties hebben de brandbrief ondertekend: 

ABU, ANWB, BOVAG, Bouwend Nederland, Cumela, FME, INretail, Koninklijke Horeca Nederland, Koninklijke Metaalunie, MKB Nederland, Raad Nederlandse Detailhandel, RAI Vereniging, Techniek Nederland, Thuiswinkel.org, TLN, Vakcentrum, Vemobin, Verbond van Verzekeraars, Vereniging Nederlandse Autoleasemaatschappijen, VNO

-------------------------------------------------------

* Als een werknemer als voorloopauto of bij onderhoud, reparatie of schade van diens vaste auto van de zaak tijdelijk een brandstof-aangedreven vervangende auto meekrijgt, kost dit zo’n vijfhonderd euro per incident (op basis van een gemiddelde catalogusprijs van vijftigduizend euro) aan pseudo-eindheffingskosten. Oplopend tot duizend euro als de brandstofauto bijvoorbeeld twee dagen ter beschikking staat, die net op een maandgrens liggen. Uitgaande van een miljoen auto’s van de zaak in 2027 die gemiddeld twee keer per jaar een garage of schadeherstelbedrijf bezoeken, is de potentiële collectieve kostenpost voor het Nederlands bedrijfsleven liefst een miljard euro per jaar.

Meer informatie:

BOVAG, Paul de Waal: 06 513 833 09

Door gebruik te maken van onze website geef je toestemming voor het plaatsen van tracking cookies.