Bovenliggende Nokkenas

Bij een motor met één of twee bovenliggende nokkenassen bevinden deze zich in de cilinderkop van de motor.

Bij zo'n motor bevinden de nokkenassen en de bijbehorende kleppen zich vlak bij elkaar. Dankzij het ontbreken van stoterstangen (nodig om de tussenliggende afstand te overbruggen) kunnen hogere toerentallen worden gedraaid. Twee bovenliggende nokkenassen (in plaats van één) zijn normaal voor

  • sportieve lijnmotoren (met één nokkenas voor alle inlaatkleppen en één voor alle uitlaatkleppen) en
  • alle V-motoren (met één nokkenas per cilinderrij).

'Twee bovenliggende nokkenassen' wordt vaak foutief aangeduid met 'dubbele bovenliggende nokkenassen' (de letterlijke vertaling van de incorrecte Engelstalige benaming double overhead camshaft of DOHC). Alle moderne motoren, ook die van doodgewone auto's, hebben één of meer bovenliggende nokkenassen. V-motoren met twee boven liggende nokkenassen per cilinderrij hebben dus in totaal vier nokkenassen. Motoren met onderliggende nokkenassen komen vrijwel niet meer voor.