Camber

Camber betekent ‘wielvlucht’. Dat is de stand van de wielen ten opzichte van het wegdek. Eigenlijk zouden de wielen van je auto onder alle rij-omstandigheden exact loodrecht op het wegdek moeten staan, want dan is het contact tussen band en wegdek optimaal. Natuurlijk is die behoefte in bochten groter dan bij rechtuit rijden. Om de ideale situatie in bochten zo dicht mogelijk te benaderen, moeten de wielen enigszins naar binnen staan: vóór ongeveer 3 graden en achter ongeveer 1 graad. Bij negatief camber wijzen de wielen van een as met de bovenkant naar elkaar toe. Bij positief camber is het juist omgekeerd.

Is er iets niet goed aan de voorgeschreven wielstanden, dan heb je misschien te vaak een stoeprand gepakt bij het parkeren. Dan merk je dat op den duur aan de slijtage van je banden of (als het echt raak was).aan een onrustig weggedrag.